SOS relatie: “Ik wil verder met ons leven, maar als ik onze toekomst ter sprake breng, haakt hij af” – Libelle

SOS relatie: “Ik wil verder met ons leven, maar als ik onze toekomst ter sprake breng, haakt hij af” – Libelle

Jelle (35) en Dorien (37) hebben al drie jaar een latrelatie. Dorien wil gaan samenwonen en droomt van kinderen, maar Jelle gaat die beslissingen uit de weg.

Dorien: “Toen ik Jelle leerde kennen, was ik nog maar net single. Ik heb al een paar relaties gehad, maar ik val altijd op mannen die niet klaar zijn voor een relatie of op mannen die veel issues hebben. Ik ben als kind altijd onzeker geweest, voelde me niet de moeite en schaamde me over mijn achtergrond. Ik kom uit een eenvoudig landbouwersgezin. Mijn vader was van de oude stempel, vernieuwde niet, waardoor onze financiële put jaar na jaar groter werd. Wij hielpen allemaal mee, kenden de problemen, maar er werd nooit over gepraat. Mijn ouders schaamden zich te veel. ‘Wat zullen de mensen zeggen?’, klonk het dan. Mijn moeder ging poetsen om een centje bij te verdienen en op sommige momenten was dat het enige gezinsbudget. Armoede is een lelijk ding, neem het van me aan, en het bepaalt tot op vandaag mijn leven. Door al die problemen heb ik lang gedacht dat niemand in mij geïnteresseerd was of ooit zou zijn. En zo gedroeg ik me ook in mijn relaties.

Toen ik Jelle leerde kennen, was het anders. Hij begreep veel van de dingen die ik heb meegemaakt omdat hij zelf uit een moeilijke gezinssituatie komt. Jelle is een harde werker, wil nooit afhankelijk zijn van een ander. Dat vond ik allemaal heel aantrekkelijk in het begin. Jelle was voor mij ‘eindelijk’ iemand met wie ik een leven kon opbouwen, een thuis. In het begin van onze relatie gaf hij ook aan een gezin te willen, een stabiele toekomst, en ook nu nog – op heel intieme momenten, als we vrijen – zegt hij dat. Dat hij in mij een goede mama ziet, bijvoorbeeld. Maar van al die dingen komt er weinig in huis en als ik daar dan een opmerking over maak, gaat hij er nooit op in. Dat doet hij vaak, afhaken als het over de toekomst gaat.

Soms gaat dat heel ver. Zo verdween hij al enkele keren na een discussie. Ik hoorde hem zelfs al eens een week niet meer, doodongerust was ik. Hij ging niet naar het werk, zijn wagen was er niet… Hij was gewoon wég. Ik zag alleen aan zijn WhatsApp-profiel dat hij regelmatig online was, maar antwoorden kwamen er niet. Toen hij terug was, was ik zo blij, dat ik er maar niet meer over begon. Ik stuur hem ook vaak berichtjes, liefdevolle boodschappen en al verwacht ik niet telkens meteen iets terug, toch vind ik het moeilijk. Ik mag hem nu zelfs niet meer bellen, hij vindt dat te opdringerig.

Ik werd onlangs 37 en heb Jelle gevraagd hoe hij het nu ziet. Ik wil verder met ons leven, samenwonen, stoppen met de pil, de tijd is er echt rijp voor. Ik heb het gehad met piekeren en wil zo graag een druk gevuld leven met kinderen, zoals mijn vriendinnen.”

Wat zegt Jelle?

“Kinderen, samenwonen… Je begint daar toch niet aan zolang er geen evenwicht is in je relatie?”

Jelle: “Ik heb in het verleden al heel wat relaties gehad. Ik ben geen man om alleen te zijn. Tegelijkertijd heb ik ook veel nood aan persoonlijke ruimte. Ik heb een job die me dat biedt, maar ik wil dat ook in mijn relatie. Iemand die me de hele tijd nodig heeft, dat werkt niet voor mij. Aanvankelijk leek Dorien daar geen probleem mee te hebben, ze gaf me de ruimte die ik nodig heb. Nu is dat almaar minder het geval. Ja, ze stuurde me in het begin ook vaak berichtjes, en ja, ik antwoordde daar vaker op, maar dat is ook logisch. In de opbouw van een relatie werkt dat zo, nadien wordt dat vermoeiend. Ik wil niet de hele tijd online zitten of berichtjes zitten sturen, daar word ik onrustig van.

Ze leidt daaruit af dat ze niet op de eerste plaats komt, dat andere dingen altijd prioriteit krijgen, maar dat is niet zo. Ik denk dagelijks aan haar, maar toch niet aldoor? En zegt dat dan iets over al dan niet graag zien? Dorien stuurt me de hele tijd berichtjes, ze vraagt op een dwingende manier om aandacht en als ik die niet meteen geef, belt ze me. Ik heb haar gezegd dat ik dat niet meer wil. Ik wil niet de hele tijd verantwoording moeten afleggen, ik wil er niet de hele tijd moeten ‘zijn’ voor haar. Daardoor voel ik vaker dan ik zelf wil de behoefte om echt tijd voor mezelf te nemen, ertussenuit te knijpen. Ik doe dat dan ook, want ik heb het dan even gehad met alles en iedereen. Ik maak geen ruzie, zoek de confrontatie niet, maar op het moment dat het bij mij niet meer gaat, ben ik weg.

Ik snap niet hoe sommige mensen jaren in conflicten blijven hangen. Trek de stekker eruit en ga, da’s toch simpel? Als ik echt wel wil, zal ik het dus wel zeggen, daar hoeft ze niet bang voor te zijn. Maar sowieso heeft de hele situatie ervoor gezorgd dat ik niet meteen geneigd ben om nu de grote vragen aan te pakken. Kinderen, samenwonen… Je begint daar toch niet aan zolang er geen evenwicht is in je relatie? Dorien neemt me dat erg kwalijk, ze is dan stil, zegt weinig, lijdt… wat ik nog moeilijker vind. Het zorgt voor onderhuidse spanningen en dat vind ik verschrikkelijk. Als ik dan vraag wat er scheelt, krijg ik een schouderophalen of het dodelijke ‘laat maar’.

Ik wil zeker niet breken met Dorien. Op onze goede momenten, is het ook écht goed, en ik geloof dat ze heel veel liefde in zich draagt. Door mee naar hier te komen, hoop ik haar daarvan te kunnen overtuigen en haar ook wat rustiger te maken. Misschien kan ze ontspanningslessen nemen of gaan mediteren.”

Hoe moet het nu verder?

“Hoe meer Dorien Jelle claimt, hoe meer hij zich terugtrekt. Als ze dat begrijpen, ontstaat er rust”

Relatietherapeute Rika Ponnet: “Dorien heeft nood aan bevestiging en duidelijkheid, Jelle aan ruimte en vrijheid. Zij wil beslissingen doorduwen, wat bij hem wegloop- en uitstelgedrag uitlokt. Bovendien heeft Jelle de neiging Doriens gedrag te zien als problematisch en z’n eigen gedrag als ‘normaal’. ‘Als zij zo panisch reageert, moet zij daar toch iets aan doen?’, zegt Jelle. Dat vindt Dorien wat te makkelijk. ‘Het is toch normaal dat ik me zorgen maak als je zomaar ineens een aantal dagen verdwijnt?’ ‘Nu doe je alsof dat dagelijkse kost is, terwijl het één keer voorviel.’ ‘Nee hoor, ik hoor wel vaker niets van je.’ Als Dorien begint te huilen, zwijgt Jelle en kijkt hij de andere kant uit.

De daaropvolgende sessies gaan we hierop door. Blijkt dat Jelle vooral vlucht. ‘Ik heb dat soms, als dingen me te veel worden, dat ik alles achter me laat. In het verleden ging het soms zo ver dat ik alle nummers uit mijn telefoon wiste. Dat voelde bevrijdend.’ Hij linkt het spanningsgevoel aan vroeger. ‘Mijn moeder had geregeld andere – foute – partners, wat voor veel spanning zorgde.’ Dorien zegt dat ze zekerheid mist. ‘Wanneer hij er zomaar de stekker uittrekt, panikeer ik.’ Ik licht hen toe dat ze zelf perfect omschrijven wat de ander met hen doet, maar niet zien hoe hun gedrag mee dat van de andere bepaalt en stuurt. Trekt Jelle zich terug, dan voelt Dorien zich angstig en probeert ze hem te claimen, waarop Jelle nog meer de nood voelt om zich terug te trekken.

Ik zeg dat ik het weglopen van spanning begrijp, vanuit zijn geschiedenis. Maar dat ik ook haar behoefte aan zekerheid kan volgen. Als Jelle weer eens verdwijnt, maakt dat bij Dorien een hechtingstrauma wakker. Ze ervaart dan dat de andere zomaar de relatie kan stopzetten. Jelle vindt het woord ‘trauma’ overdreven, maar erkent wel dat de problemen tussen hen echt begonnen zijn sinds hij de eerste keer verdween. Dorien huilt bijna doorlopend. Als ik erkenning geef voor de impact daarvan en Jelle dit ook doet, wordt ze rustiger.

We bespreken manieren om het anders aan te pakken. Ik leg hen uit dat de nood aan nabijheid of afstand er mag zijn, maar dat het wel belangrijk is erover te communiceren. Dat ook het eenzijdig opleggen van omgangsregels – niet mogen bellen, altijd moeten antwoorden binnen de vijf minuten – het probleem alleen maar vergroot. Jelle en Dorien begrijpen en voelen nu beter wat de ander doet en wat dit met hen doet. Er ontstaat rust en een soort van mildheid. Ze willen voorlopig kijken hoe dit verder evolueert.”

Uit: Libelle 45/2019 – Tekst: Rika Ponnet

bezootje

Related Posts

Geef een reactie

Translate »